Webinar 'De comeback van het vroegpensioen': meld je nu aan!

Op deze pagina is ook content beschikbaar exclusief voor leden, Log in om toegang te krijgen tot deze content
05-01-2021

Op 14 januari organiseert het Verbond van Verzekeraars samen met Verbondspartner Montae&partners een webinar over de RVU-regeling en verlofsparen. Welke nieuwe mogelijkheden zijn er voor vervroegd pensioen nu de belastingheffing, die vroegpensioen moest demotiveren, vijf jaar lang versoepeld wordt via de Regeling Vervroegd Uittreden (RVU)?

Welke kansen biedt het Pensioenakkoord en wat is hierover in de cao voor het Verzekeringsbedrijf opgenomen zodat medewerkers vitaal kunnen pensioneren? Schrijf je nu in voor het Webinar.

Afspraken tussen cao-partijen

In het onderhandelingsresultaat van de Cao voor het Verzekeringsbedrijf heeft het Verbond met de vakorganisaties afspraken gemaakt over de RVU-regeling. Het wetsvoorstel RVU is door het kerstreces van de Tweede Kamer nog niet aangenomen, maar verwacht wordt dat dit nog deze maand gebeurd. Eind 2021 evalueren het Verbond en de vakorganisaties de afspraken uit het CAO-akkoord om na te gaan of het beoogde doel wordt bereikt en de afspraken werkbaar en betaalbaar zijn.

De Regeling Vervroegd Uittreden (RVU) tot 2021

Op 1 januari 2006 verdween het fiscale voordeel voor de VUT- en andere vroegpensioenregelingen door de Wet aanpassing fiscale behandeling VUT, Prepensioen en introductie Levensloop (Wet VPL). Door een fiscale heffing werden VUT en Prepensioen vrijwel onmogelijk gemaakt tenzij de werkgever bereid was om over de vroegpensioenmaatregelen en de bijbehorende afgedragen premies 52% extra belasting te betalen. Met als doel:  het stimuleren van de arbeidsdeelname van oudere werknemers. Keerzijde van dat beleid was dat werkgevers (en werknemers) hard geraakt werden wanneer zij vroegpensioenregelingen gebruikten voor duurzaam inzetbaarheidsbeleid, bijvoorbeeld bij zware beroepen.

De RVU-vrijstelling vanaf 2021

In 2020 is besloten de AOW-leeftijd minder snel te laten oplopen om te zorgen   voor draagvlak voor de verhoging van de AOW-ingangsleeftijd, maar ook voor een meer evenwichtige balans tussen werk en pensioen. In zowel 2019 en 2020 als 2021 is de AOW leeftijd vastgesteld op 66 jaar en 4 maanden. Maar er moest meer gebeuren; de Wet “Bedrag ineens, RVU en Verlofsparen” als onderdeel van het pensioenakkoord, is hiervan het wettelijke resultaat. In de nieuwe CAO komt dit terug in de bepalingen rond duurzame inzetbaarheid.

Wettelijke voorwaarden van de RVU-vrijstelling

Werkgever en werknemer zijn het eens over het vervroegde vertrek; de werknemer treedt uit dienst en de werkgever vergoedt de periode van maximaal 36 maanden tot aan AOW-leeftijd van de werknemer met een maximum van € 21.204 (bedrag 2020) per 12 maanden.

Om dit bedrag aan te vullen kan de werknemer vervroegd met pensioen gaan. Het aanvullend pensioen gaat dan eerder in dan 68 jaar. Daarnaast kan hij een eventueel verlofspaarsaldo (zie kader) inzetten om het inkomen te verhogen of eigen middelen aanwenden.

Het maximumbedrag per 12 maanden stelt de overheid jaarlijks opnieuw vast. Uitgangspunt voor vaststelling is een overbrugging die gelijk is aan een AOW-uitkering.

In 2025 kan voor het laatst een vrijgestelde RVU-uitkering worden afgesproken.

Voor de jaren 2026 tot en met 2028 geldt een uitloopperiode. In die jaren kan de werknemer nog een periodieke uitkering ontvangen of een uitkering ineens. De premie of bijdrage hiervoor dient wel uiterlijk in 2025 te zijn voldaan aan de partij die de RVU uitvoert.

De RVU-vrijstelling als onderdeel van Duurzame Inzetbaarheidsbeleid

Belangrijk voordeel van de RVU-regeling is dat deze geldt voor alle werknemers en niet alleen voor “ fysiek zware beroepen”. Indien gewenst, kunnen werknemers in overleg met de werkgever eerder met pensioen. Daarmee is het een instrument om werknemers tot aan hun pensionering op een gezonde manier en met plezier hun werkzaamheden uit te laten voeren. 

Goede informatie; financiële foto en Webinar

Voor het slagen van een RVU-regeling is juiste informatie van belang. De werknemer moet voor het maken van een keuze inzicht hebben in de financiële gevolgen van een RVU-regeling, bijvoorbeeld met behulp van een financiële foto, zoals vastgelegd in de CAO. De werkgever moet weten wat de RVU-regeling inhoudt; voor de organisatie en voor de werknemer. Op 14 januari 2021 geeft onze partner secundaire arbeidsvoorwaarden Montae & Partners een Webinar over RVU en verlofsparen. Schrijf je nu in voor het Webinar.

Verlofsparen

Op dit moment kunnen werknemers tot vijftig weken fiscaal gefaciliteerd vakantie- en compensatieverlof opsparen, mits de werkgever dit mogelijk maakt. Over dit verlofsaldo hoeft men geen loonheffing te betalen. Vanaf 2021 wordt het verlofspaarsaldo verhoogd van 50 naar 100 weken. Werknemers kunnen het verlofsaldo gebruiken voor het eerder stoppen met werken door tot aan pensioendatum maximaal 100 weken verlof op te nemen. Dit wettelijke verlof moet daadwerkelijk worden ingezet als verlof, het wordt niet uitbetaald.


Was dit artikel nuttig?