Verzekeraar mag samenwerking met drie letselschadekantoren beëindigen, maar registraties gaan deels te ver
28 juli 2026
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Drie letselschadekantoren en twee bestuurders behartigen slachtoffers in zaken tegen een verzekeraar. De verzekeraar is ontevreden over hun dossierbehandeling. Zij wijst op gevallen van onvolledige medische informatie, onduidelijkheid over causaliteit en schade, dubbele declaraties en gebrekkig onderbouwde claims. Na waarschuwingen, gesprekken en een, in de ogen van de verzekeraar, te algemeen verbeterplan beëindigt zij de samenwerking en registreert zij de kantoren en bestuurders intern en extern.
De voorzieningenrechter wees de vorderingen tot hervatting van de samenwerking en verwijdering van de registraties af. De kantoren en bestuurders gaan in hoger beroep omdat zij herstel van de samenwerking en verwijdering van de registraties willen.
Het hof laat de beëindiging van de samenwerking in stand. De verzekeraar heeft volgens het hof goede redenen om de samenwerking te beëindigen, omdat de door haar gestelde ernstige tekortkomingen structureel zijn en raken aan de kern van letselschadebehandeling. De interne registraties van de kantoren mogen blijven, maar die van de bestuurders moeten worden verwijderd. Omdat de verzekeraar tijdens de mondelinge behandeling heeft toegezegd de externe registraties te verwijderen, ontbreekt een spoedeisend belang bij een verwijderingsbevel. Het hof geeft in het kader van de proceskostenveroordeling nog wel een oordeel over de externe registraties. De externe registraties en meldingen zijn volgens het hof onvoldoende onderbouwd, omdat fraude of opzettelijke misleiding niet voldoende aannemelijk is. De proceskosten worden gelijk verdeeld over partijen.
Lees meer