Best gek, vond Koeleman het, om als een van de founding fathers van de PensioenPoort nu als spreker aan de andere kant te staan. Koeleman is verantwoordelijk voor de Wtp-transitie voor acht opdrachtgevers van APG. Hij noemde onder meer het ABP, maar ook het eigen ondernemingspensioenfonds van APG. “Wij zijn druk bezig met onze strategie 2030, die er in het kort op neerkomt dat wij in de toekomst sneller, efficiënter en slagvaardiger willen worden.”
Enorme klus
Koeleman maakte van zijn hart geen moordkuil. “Voor ons is en blijft de transitie een enorme klus. Vijf van onze opdrachtgevers zijn al overgestapt naar de Wtp. Dat komt neer op ruim één miljoen deelnemers. Ik ben er trots op dat die overstap op tijd en zonder problemen is geslaagd, maar ook wij zijn nog aan het leren. We hebben in de nieuwe wet veel informatie nodig, terwijl de meeste mensen alleen maar willen weten hoe hoog hun uitkering is. Wat gaan we de deelnemers in die nieuwe wereld wel/niet vertellen? En wat doen we met diegenen die verder willen kijken? Ook die deelnemers moeten worden bediend, maar dan moeten de gegevens wel spic en span zijn.”
Wim Koeleman (APG): "Voor ons is en blijft de transitie een enorme klus"
Gas terug?
De ervaring die APG tot nu toe heeft opgedaan, is dat er met name veel tijd gaat zitten in het overleg, onder meer met DNB. “Als het pensioenfonds eenmaal is overgestapt naar de Wtp-wereld hebben alle betrokken partijen zo’n intensief traject achter de rug, dat iedereen toe is aan wat gas terugnemen. De realiteit is echter dat het juist een nieuwe start is. Besturen moeten nog wennen aan hun nieuwe rol, waarin zij meer in the lead moeten zijn richting verschillende dienstverleners.”
Communicatie met deelnemers
Hij doelde met die laatste woorden vooral op de communicatie met deelnemers. “Het sec doorgeven van resultaten is straks niet genoeg. Er is onder de Wtp meer transparantie vereist over de resultaten en bovendien hebben die ook een ander karakter. Zo kan je boodschap verschillend zijn per leeftijdsgroep, maar ook per soort deelnemer. Er is simpelweg geen onze size fitts all meer. We moeten maatwerk leveren en hebben daarvoor ruimte nodig. Zowel in de wet als bij de toezichthouders.”
Daar komt nog bij, zo vervolgde Koeleman, dat een bestuur natuurlijk ook graag wil weten wat er leeft onder de deelnemers. “Welke vragen komen er bij ons klantcontactcenter binnen? Welke reacties zien we op social media? Hoe vaak worden overzichten geopend? Onze boodschap moet met andere woorden niet alleen consistent zijn, maar ook aansluiten bij de betreffende doelgroep.”
"Natuurlijk wil een bestuur ook graag weten wat er leeft onder de deelnemers"
Wat betekent dit voor mij?
Koeleman heeft ervaren dat deelnemers weinig vragen stellen. “De meeste vragen die wij krijgen, gaan over de hoogte van het ouderdomspensioen of over praktische problemen, zoals het wachtwoord vergeten. Als we al vragen over de transitie van de Wtp krijgen, dan is er één centrale vraag die de deelnemers bezighoudt: wat betekent dit voor mij?”
Hij laat er weinig twijfel over bestaan. De communicatie onder de nieuwe wet is echt anders. “Het verwachte pensioen en de ontwikkeling daarvan moeten centraal staan. Dat is wennen. Wij moeten naast die verwachte pensioenuitkering ook uitleggen hoe het vermogen zich ontwikkelt. Maar dat heeft alleen zin als we die ontwikkeling laten zien in samenhang met de rente (wat wij ook wel ‘de inkoopprijs van pensioen’ noemen) en de stand van alle collectieve reserves. Wat mij vooral bezighoudt, is hoe we dat het beste kunnen communiceren aan de deelnemers. Hoe berekenen en tonen we die resultaten? De URM (Uniforme Rekenmethodiek) is ongeschikt om persoonlijk pensioenvermogen te vertalen naar de verwachte uitkering. We hebben een methode nodig die herleidbaar is én kan worden nagerekend.”
APG heeft inmiddels een eigen methode ontwikkeld, maar heeft de hoop gevestigd op een sectorbrede standaard die straks kan worden gebruikt op de UPO’s en in het pensioenregister. “We doen dan ook graag een oproep om dit punt nadrukkelijk mee te nemen bij de evaluatie van de pensioencommunicatie.”
Verdere consolidatie in de markt?
Aan het slot van zijn betoog wierp Koeleman nog kort de blik vooruit. Wat betekent de Wet toekomst pensioenen voor de sector? Hoe zit het met de consolidatie? “Ik denk dat de sector zich verder blijft consolideren. Dat geldt zowel voor pensioenfondsen als voor pensioenuitvoeringsorganisaties. Je moet immers veel in huis hebben en kosten maken om te voldoen aan alle nieuwe eisen. En dan heb ik het niet alleen over de Wtp, maar ook over datakwaliteit en cybersecurity.”
Volgens Koeleman blijft bovendien de roep om lagere kosten heel hardnekkig. “Dat bereik je niet alleen door vereenvoudiging, een van de doelstellingen van de Wtp. Je hebt daarvoor schaal en standaardisering nodig, juist ook om de benodigde kennis van alle verschillende disciplines op het vereiste niveau te kunnen organiseren. Al met al vraagt de toekomst van ons allemaal (pensioenfondsen en uitvoeringsorganisaties) om samen op te trekken en zowel de solidaire (SPR) als de flexibele premieregelingen (FPR) tot een succes te maken.”