Letselschade

Op deze pagina is ook content beschikbaar exclusief voor leden, Log in om toegang te krijgen tot deze content

Letselschadeslachtoffers zijn gebaat bij een transparante en vlotte schadebehandeling. Zeker zo belangrijk is dat het slachtoffer kan werken aan herstel en het leven weer kan oppakken. Bij dat streven naar gericht herstel bieden verzekeraars ondersteuning.

Achtergronden

Letselschade heeft grote impact

Jaarlijks nemen verzekeraars circa 65.000 letselschadezaken in behandeling. Letselschadezaken hebben grote impact. Het kan bijvoorbeeld zijn dat het slachtoffer een langdurig medisch traject moet volgen, blijvend invalide wordt of niet meer kan werken.  

De laatste jaren neemt de schadelast per gebeurtenis toe. Dat komt onder andere door de verhoging van de pensioenleeftijd en de stijgende levensverwachting, waardoor letselschadeslachtoffers mogelijk een langere periode zonder inkomen moet overbruggen. Ook krijgen slachtoffers meer smartengeld toegekend dan voorheen.

Emotie speelt bij letselschadezaken een belangrijke rol; zowel voor slachtoffer als aansprakelijke partij is een ongeval met letsel of overlijden zeer ingrijpend. Dat maakt het voor verzekeraars een uitdaging om schade voortvarend, transparant en met respect voor de betrokkenen af te handelen.

Initiatieven

De laatste jaren hebben verzekeraars en andere betrokken partijen belangrijke stappen gezet om bij de behandeling van letselschades de positie van het slachtoffer nog meer centraal te zetten.

  • Wmo - formulier regres plegen door gemeenten 

Als een letselschadeslachtoffer een beroep doet op Wmo-voorzieningen van zijn gemeente omdat hij letsel heeft opgelopen veroorzaakt door iemand anders, dan mag de gemeente de kosten hiervoor in rekening brengen bij de verzekeraar van de veroorzaker van het ongeval. Om dit verhaalsproces voor de gemeente en verzekeraar te vereenvoudigen hebben het Verbond en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) direct bij invoering van de Wmo in 2015 een regresovereenkomst gesloten, waarin het regresrecht van de gemeenten collectief werd afgekocht via een jaarlijkse afkoopsom. In 2019 is er een einde gekomen aan de Wmo-regresovereenkomst, omdat het op grond van de AVG niet is toegestaan om persoonsgegevens tussen gemeenten en verzekeraars uit te wisselen.

Inmiddels heeft het Verbond de gesprekken met de VNG weer opgepakt, samen bekijken we de mogelijkheden voor een hernieuwde samenwerking. Ondertussen hebben verzekeraars in 2019 een simpel in te vullen format gemaakt waarmee gemeenten toegestane kosten voor letselschadeslachtoffers terug kunnen vorderen bij verzekeraars. Deze 'Wmo-meldingsbrief gemeenten' is met de VNG gedeeld en vind je onder het kopje ‘publicaties’ op deze pagina.

  • Normering 

Het Verbond pleit voor een (normering)stelsel waarbij voor het slachtoffer duidelijk is welke vergoeding hij/zij kan krijgen, waarbij het transparant is op welke wijze deze vergoeding tot stand is gekomen en waarbij gelijke gevallen gelijk worden behandeld. Hierbij hangt het niet van de belangenbehartiger of de verzekeraar af welk bedrag een slachtoffer krijgt. In dit stelsel moet ruimte zijn om rekening te houden met hele specifieke omstandigheden in de situatie van het slachtoffer. Prof. dr. Michael Faure heeft, op verzoek van het Verbond, internationaal rechtsvergelijkend onderzoek gedaan naar normering van letselschade, in België, Ierland en Zweden. Dit onderzoek is te vinden onder 'publicaties' op deze pagina. Zijn conclusie is dat een dergelijk stelsel voordelen biedt maar dat het belangrijk is om goed te kijken wat in Nederland wel en niet werkt. Het Verbond bespreekt het onderzoek met haar leden en denkt na over vervolgstappen. Door middel van een klankbordgroep wordt de hele personenschadebranche daarbij betrokken want zoals Faure ook zegt een ander stelsel vraagt om draagvlak en dat start met het bij elkaar brengen van alle partijen. 

  • Gedragscode Behandeling Letselschade (GBL) en Medische paragraaf
    De vernieuwde gedragscode (2012)  is bindend voor leden van het Verbond en bevat spelregels voor een transparante en adequate afhandeling van letselschadezaken.

  • Gedragscode openheid medische incidenten; betere afwikkeling Medische Aansprakelijkheid (GOMA)
    Letselschades door medisch falen zijn vaak complex en tijdrovend, waardoor de positie van het slachtoffer in het gedrang kan komen. De code bevat aanbevelingen voor een doelmatige reactie op medische incidenten, duidelijke informatieverstrekking aan de patiënt en zorgvuldige afhandeling van schadeclaims. De GOMA is bindend voor leden van het Verbond.

  • Letselschade Richtlijnen
    De Letselschade Richtlijnen zijn een hulpmiddel voor het vaststellen van de schade in een letselschadezaak. Doel is te voorkomen dat in vergelijkbare gevallen steeds discussie ontstaat over de omvang van de schade. De Richtlijnen zijn bindend voor alle partijen die de GBL onderschrijven, tenzij aannemelijk is dat een situatie zich niet leent voor toepassing.

Verantwoordelijk voor borging en handhaving is de Letselschade Raad.

Aandachtspunten

Uit onderzoek in opdracht van het Verbond en de stichting Personenschade Instituut voor Verzekeraars (PIV) blijkt dat circa 90 procent van de letselschadezaken binnen de streeftermijn van twee jaar wordt afgehandeld.

Vertraging doet zich vooral voor bij zaken met een belang van meer dan € 10.000. Doorgaans zijn dit complexe zaken waarbij herstel een langdurig traject is, bijvoorbeeld als er sprake is van ernstig hersenletsel of letsel bij jonge kinderen. In de praktijk is het dan onverantwoord om de schade vast te stellen binnen de termijn van twee jaar.

Juist in complexe en langdurige zaken is duidelijke communicatie met het slachtoffer van groot belang. In Bedrijfsregeling 15: Informatie bij letselschade zijn daarom bepalingen opgenomen over onder andere respectvolle bejegening en het informeren van het slachtoffer. Ook staat omschreven wat de verzekeraar moet doen als de schade niet binnen twee jaar kan worden afgehandeld.

Een steeds groter deel van het geld dat verzekeraars uitkeren komt niet terecht bij de slachtoffers. De buitengerechtelijke kosten - zoals voor letselschadeadvocaten en  medische onderzoeksrapporten  - zijn gestegen tot 20 procent (€ 240 miljoen) van de totale schadelast. Het Verbond vindt dat niet te rijmen met het feit dat voor steeds meer schadeposten normbedragen zijn vastgesteld. Dat zou juist moeten leiden tot lagere kosten voor het afhandelen van schade.

Ook de toename van de regreskosten - inmiddels € 200 miljoen per jaar - is een aandachtspunt. Daarbij gaat het om kosten die bijvoorbeeld gemeenten of het UWV verhalen op de (verzekeraar van) de aansprakelijke  partij. Verzekeraars zien dit als het onnodig rondpompen van geld: dat gaat uiteindelijk ten koste van de premiebetaler.

Het Verbond brengt deze ontwikkelingen in kaart en probeert de buitengerechtelijke kosten en regreskosten waar nodig en mogelijk terug te dringen.

Veelgestelde vragen

Wat doet de Letselschade Raad?
Wat als ik niet tevreden ben over de afhandeling van een letselschade?
Laatst gewijzigd op:11-05-2021