Skip to Content

Huis in het Veld en Klaver geloven allebei sterk in het samen optrekken. Want zoals de trekkers van de eerste twee afgeronde ESG-standaarden ook al constateerden: transporteurs, verzekeraars, banken, iedereen berekent de CO₂-uitstoot op een andere manier. “Dat is inefficiënt en helpt de woonsector en transportsector niet vooruit. Wij willen die versnippering doorbreken en toewerken naar één uniforme standaard, die zowel de financiële sector als de reële economie helpt,” benadrukt Huis in het Veld. “Daarnaast is gelijke toegang tot data essentieel voor actie, want wat je meet, kun je sturen. We weten dat standaarden snel ingehaald kunnen worden door nieuwe ontwikkelingen. Continu onderhoud en kennisopbouw is dus geen luxe, maar noodzaak.”

Verschillende uitkomsten

“Zo bleek bij de sectortafel particuliere autoverzekeringen dat de door verzekeraars toegepaste  PCAF-rekenmethode  tot verschillende uitkomsten leidde. Dat ondermijnt de vergelijkbaarheid én het vertrouwen”, vult Klaver aan. Die ervaring levert voor beiden het bewijs dat dit probleem sectorbreed speelt. Klaver: “Door gezamenlijke standaarden te ontwikkelen voor het berekenen en rapporteren over de CO2-uitstoot voor deze verzekeringen, creëren we transparantie en versterken we de geloofwaardigheid van de sector met getallen die kloppen.”

Complex en urgent

Het ontwikkelen ervan is uitdagend, dat merken Huis in het Veld en Klaver voortdurend: “De wereld verandert razendsnel. Nieuwe technologie, andere voertuigen, geopolitieke ontwikkelingen – alles grijpt in elkaar. In het wegtransport heb je te maken met talloze variabelen: voertuigtypen, brandstoffen, laadfactoren en databronnen. Die data is bovendien vaak niet in één databestand te vinden, maar tref je versnipperd aan binnen de verschillende organisaties in de logistieke keten. En die data is ook lang niet altijd van hoge kwaliteit. Dat maakt standaardisatie complex, maar ook urgent om elkaar vooruit te helpen”, stelt Huis in het Veld.

Andere dynamiek

Volgens Klaver speelt bij particuliere woonverzekeringen hetzelfde, maar met een andere dynamiek. “Er is nog géén vastgestelde PCAF-standaard voor woonverzekeringen. We starten dus niet alleen met het verzamelen van de juiste data, maar ook met het ontwikkelen van het fundament, de standaard zelf. Tegelijkertijd is alles wat met wonen te maken heeft volop in beweging door bijvoorbeeld nieuwe energielabels, de overheidsambities rond de gebouwde omgeving en de Energiewet. Dat maakt het uitdagend, maar ook veelbelovend.”

Tweeledig doel

Het doel van de standaarden is tweeledig: verzekeraars én hun klanten beter helpen bij verduurzaming. “Met betrouwbare en uniforme CO₂-data kunnen we gerichter adviseren, administratieve lasten verlagen en consistent sturen. Dat is niet alleen essentieel voor compliance en risicomanagement, maar juist ook voor het faciliteren van de energietransitie in de sector,” stelt Huis in het Veld. Volgens Klaver is het is ook een randvoorwaarde om klimaatambities waar te maken. “Om toe te werken naar een klimaatneutrale portefeuille, moet je eerst inzicht hebben. Sectorstandaarden maken die exercitie uitvoerbaar en vergelijkbaar. Het wiel hoeft niet meer bij elke verzekeraar opnieuw te worden uitgevonden, dat is efficiënt en geeft ruimte om het gesprek met klanten aan te gaan over echte impact.”

Voortbouwen op bestaande initiatieven

Dat Huis in het Veld en Klaver voort- én mee kunnen bouwen op bestaande initiatieven, zoals die van de bancaire sector, maakt hun aanpak krachtig: verzekeraars, banken en sectorpartijen trekken samen op. “We beginnen met het vaststellen van definities en methodieken, gevolgd door validatie met data-analisten en externe partijen zoals CBS en TNO. Met dit voorwerk helpen we de sector en voorkomen we dat banken en verzekeraars andere eisen gaan stellen aan dezelfde partij,” legt Huis in het Veld uit. Diezelfde aanpak hanteert de sectortafel van Klaver ook. “Daarnaast nemen we ervaring mee uit de sectortafel Personal Motor (particuliere autoverzekeringen). Wat we daar hebben geleerd – bijvoorbeeld over samenwerking en toekomstbestendige keuzes – passen we nu toe. We kijken niet alleen naar wat vandaag kan, maar ook naar hoe we straks betere data kunnen ontsluiten."

Eén gezamenlijke taal voor CO₂-rapportage

Omdat Huis in het Veld en Klaver ieder een eigen sectortafel begeleiden met verschillende portefeuilles, is tot slot de vraag wat ze elkaar graag mee zouden willen geven in dit uitdagende proces? Voor Huis in het Veld is dat vooral goed blijven samenwerken en het grotere doel voor ogen houden: één gezamenlijke taal voor CO₂-rapportage om beter te kunnen sturen en faciliteren in de wereld van vandaag. “Dat helpt niet alleen bij rapporteren, maar ook voor het doorvoeren van  concrete verbeteringen. Zoals minder lege kilometers en een hogere beladingsgraad door ervoor te zorgen dat een vrachtwagen altijd vracht vervoert. Dit gaat over meer dan wetgeving – het is een strategische kans.” 
"En luister goed naar elkaar”, adviseert Klaver. “Elke organisatie is anders ingericht, dus je moet soms over je eigen voorkeuren heen stappen. Blijf toetsen op eenvoud en uitlegbaarheid, en neem je achterban mee in de keuzes die je maakt. Dan voorkom je verrassingen en vergroot je het draagvlak. Alleen zo maken we samen duurzame impact.”

Samen optrekken

Huis in het Veld en Klaver geloven allebei sterk in het samen optrekken. Want zoals de trekkers van de eerste twee afgeronde ESG-standaarden ook al constateerden: transporteurs, verzekeraars, banken, iedereen berekent de CO₂-uitstoot op een andere manier. “Dat is inefficiënt en helpt de woonsector en transportsector niet vooruit. Wij willen die versnippering doorbreken en toewerken naar één uniforme standaard, die zowel de financiële sector als de reële economie vooruit helpt” benadrukt Huis in het Veld. “Daarnaast is gelijke toegang tot data essentieel voor actie, want wat je meet, kun je sturen. We weten dat standaarden snel ingehaald kunnen worden door nieuwe ontwikkelingen. Continu onderhoud en kennisopbouw is dus geen luxe, maar noodzaak.”