Skip to Content

Het KNMI waarschuwt nu al voor zware windstoten op vrijdagavond 23 oktober en in de nacht naar zaterdag. De waarschuwing (code geel) geldt met name voor de Zeeuwse en Zuid-Hollandse eilanden en in Limburg. Volgens de verwachting zijn windstoten van 75 tot 90 kilometer per uur mogelijk. Omdat bomen nog volop in het blad staan, kunnen takken makkelijk afbreken en hinder veroorzaken. De verwachting kan uiteraard nog veranderen. Volg daarom de actuele waarschuwingen van het KNMI voor jouw regio. 

Schade en overlast 

Een omgewaaide schutting, rondvliegende bloempot of verstopte dakgoot kan veel schade en overlast veroorzaken. Niet alle stormschade is te voorkomen, maar een kritische ronde door huis, tuin en balkon kan het risico wel verkleinen. Ook als de zwaarste wind jouw woonplaats uiteindelijk niet bereikt, zijn maatregelen zinvol, maar vanzelfsprekend staat jouw eigen veiligheid voorop.

Voor de wind 

Loop deze praktische checklist eens na vóórdat het hard gaat waaien. 

  1. Maak tuin en balkon vrij van losse spullen. Zet tuinstoelen, losse tafels, plantenpotten, gieters en speelgoed zoveel mogelijk in een schuur, berging of binnen. Vergeet hangpotten en losse decoratie aan de balkonrand niet. Klap een parasol niet alleen in, maar berg hem ook op. Een beschermhoes voorkomt niet dat een meubel kan wegwaaien.
  2. Besteed extra aandacht aan grote windvangers. Een trampoline, partytent of losse overkapping kan veel wind vangen. Berg deze waar mogelijk vóór de harde wind op of volg de aanwijzingen van de fabrikant voor veilige verankering. Zet afvalcontainers op een beschutte plek waar ze niet kunnen wegrollen. Probeer tijdens de storm geen wegwaaiende trampoline of tent tegen te houden.
  3. Sluit ramen, deuren en dakramen. Loop alle verdiepingen na en vergeet de schuur, garage en het dakraam op zolder niet. Controleer of sluitingen goed vastzitten. Haal zonneschermen en luifels tijdig in. Volg bij buitenjaloezieën en rolluiken de storminstructies van de fabrikant; de veilige stand verschilt per systeem.
  4. Bekijk dak en gevel vanaf een veilige plek. Let vanaf de grond op scheefliggende dakpannen, loshangende dakgoten en beschadigde gevelonderdelen. Laat mogelijke gebreken aan dakbedekking, schoorstenen, zonnepanelen of antennes door een vakman beoordelen. Ga niet zelf het dak op en gebruik zeker geen ladder als het hard waait. Meld gebreken aan een huurwoning bij de verhuurder en aan gemeenschappelijke delen van een appartementencomplex bij de VvE of beheerder.
  5. Zorg dat regenwater weg kan. Verwijder bladeren en vuil uit afvoerputjes op terras en balkon, voor zover je daar veilig bij kunt. Laat verstopte dakgoten en hemelwaterafvoeren tijdig schoonmaken. Is daarvoor een ladder of toegang tot het dak nodig, schakel dan een professional in. Controleer ook of een al bekende lekkage is verholpen: wind en regen kunnen een klein gebrek verergeren.
  6. Controleer schuttingen en bomen zonder risico te nemen. Kijk of schuttingdelen loszitten of palen scheef staan. Regel herstel vóór de harde wind als dat veilig kan. Zie je grote dode takken, een gescheurde stam of een boom die ineens scheef staat? Houd afstand en laat een deskundige de situatie beoordelen. Ga niet vlak voor of tijdens de storm zelf grote takken zagen of bomen snoeien.
  7. Parkeer je auto op een veilige plek. Kies bij voorkeur voor een afgesloten garage. Parkeer je buiten, doe dat dan zo veel mogelijk uit de buurt van bomen, steigers, bouwhekken en gebouwen met zichtbare losse onderdelen. Verplaats je auto ruim voordat de wind aantrekt; ga niet tijdens zware windstoten naar buiten om snel nog een andere parkeerplek te zoeken.
  8. Bereid je voor op overlast. Laad je telefoon op en houd een zaklamp en de contactgegevens van je verzekeraar of adviseur bij de hand. Moet je op pad, controleer dan eerst de weerswaarschuwingen en reisinformatie. Stel een niet-noodzakelijke reis bij gevaarlijke weersomstandigheden uit. Help buren eventueel vooraf met het binnenzetten van spullen, maar ook dan alleen als dat veilig kan. 

Ondernemers: controleer het buitenterrein en maak afspraken 

Heb je een eigen onderneming? Zet losse materialen, afval, pallets en verrijdbare objecten binnen of laat ze deugdelijk vastzetten. Berg losse reclameborden en terrasmeubilair op. Laat de bevestiging van gevelreclame en andere buiteninstallaties controleren als daar twijfel over bestaat. Controleer of deuren van loodsen en opslagruimten goed kunnen sluiten en houd afvoeren vrij. Spreek vooraf af wie de weerswaarschuwingen volgt, wie maatregelen neemt en wie bij schade bereikbaar is. Laat medewerkers tijdens zware windstoten niet buiten opruimen of op hoogte werken. 

Tijdens de storm: veiligheid vóór spullen 

Blijf bij zware windstoten zo veel mogelijk binnen en volg de aanwijzingen van hulpdiensten. Vermijd buiten de omgeving van bomen, steigers en losse dak- of gevelonderdelen. Ga niet het dak op om dakpannen terug te leggen en probeer geen losgeraakte schutting vast te houden. Wacht met opruimen en inspecteren tot de omstandigheden weer veilig zijn. Bel bij acuut gevaar voor mensen of een levensbedreigende situatie 112. 

Wat is verzekerd?

Stormschade aan een woning is meestal verzekerd via de opstalverzekering. Schade aan spullen in huis kan onder de inboedelverzekering vallen. Voor stormschade aan een auto is meestal een beperkt casco- of allriskverzekering nodig. Alleen een WA-verzekering dekt schade aan de eigen auto niet. De precieze dekking, voorwaarden en het eventuele eigen risico verschillen per verzekering. Voor bijvoorbeeld tuinspullen, schuttingen en schade waarbij achterstallig onderhoud een rol speelt, kunnen specifieke voorwaarden gelden. Controleer daarom je polis of vraag je verzekeraar of adviseur om uitleg.

Bekijk voor meer informatie de preventietips bij storm, onze preventietips voor extreem weer en de informatie over stormschade en verzekeringen. Houd intussen de actuele KNMI-waarschuwingen in de gaten. 

Toch schade? Leg die vast en neem contact op met je verzekeraar of adviseur 

1. Controleer alleen als het veilig is. Ook na de storm kunnen dakpannen losliggen of takken op breken staan. Houd afstand van beschadigde bomen en gebouwen. 

2. Maak overzichts- en detailfoto’s. Leg de schade en de omgeving vast zonder jezelf in gevaar te brengen. Noteer wanneer je de schade ontdekte. 

3. Meld de schade zo snel mogelijk. Neem contact op met je verzekeraar of verzekeringsadviseur. Geef bij een huurwoning ook schade aan het gebouw door aan de verhuurder; neem bij gemeenschappelijke delen contact op met de VvE of beheerder. 

4. Beperk verdere schade waar dat veilig kan. Verplaats bijvoorbeeld spullen, weg van een lekkage of vang druppelend water op. Laat noodmaatregelen aan een beschadigd dak of een gebroken ruit aan een professional over. Wacht bij direct noodzakelijke schadebeperking niet onnodig af, maar overleg met je verzekeraar. 

5. Bewaar bewijs en bonnetjes. Bewaar facturen van noodmaatregelen en herstel. Gooi beschadigde spullen zo mogelijk pas weg na overleg. Stem definitief herstel af met je verzekeraar of adviseur. Vaak kan dit ook digitaal. Bel alleen in noodgevallen met het alarmnummer.