Skip to Content

De jaarlijkse Klimaatschademonitor van het Verbond laat zien dat de schade door extreem weer toeneemt — zowel in omvang als frequentie. Wereldwijd stijgen de klimaatschades met 5 tot 7 procent per jaar in de laatste jaren. Ook in Nederland is er een stijgende trend te zien qua kosten, in 2024 was er ongeveer 100 miljoen euro aan verzekerde schade door neerslag. De impact van piekbuien was onder andere in dat jaar prominent zichtbaar in de wijk Pathmos in Enschede. In korte tijd viel er zo veel regen, dat tientallen bewoners huis en haard vernield zagen worden met alle gevolgen van dien; bewoners kunnen jarenlang niet terug en hoogstwaarschijnlijk wordt een aantal woningen definitief gesloopt. 

Verzekeraars willen dat klimaatbestendig bouwen de norm wordt om extreem weer beter het hoofd te bieden. Adaptieve oplossingen betalen zich later uit in vermeden schade en ellende. Zo blijft ook in de toekomst schade en ellende beheersbaar en panden verzekerbaar en financierbaar. Het beste is om dit op landelijk niveau in wetgeving te verankeren. Klimaatadaptieve oplossingen kunnen toekomstbestendig bouwen dus mogelijk maken. Landelijke normering brengt bovendien versnelling van bouwprojecten doordat bouwers niet per project of gemeente met andere eisen te maken hebben. 

Ook de aanbeveling voor meer lokale weerswaarschuwingen steunt het Verbond; er wordt momenteel al samengewerkt met het KNMI. Samen met het KNMI zetten Nederlandse verzekeraars in op het voorkomen en verminderen van schade, bijvoorbeeld door vroeg te waarschuwen bij extreem weer. Zo kan de impact van naderend extreem weer al vooraf worden ingeschat en kan er adequater worden gewaarschuwd. Meer bewustwording is nodig zodat burgers en bedrijven maatregelen kunnen nemen. Het Verbond ziet het belang van het beschikbaar komen van informatie op pandniveau over potentiële waterschade, bijvoorbeeld via een waterwijzer. Zodat je inzicht hebt in het risico op wateroverlast (Wetenschappelijke Klimaatraad). Gevolgen van extreme regen kunnen niet helemaal voorkomen worden, maar overheden, bedrijven en burgers kunnen ze wel beperken.