Skip to Content

1. Waar lopen bedrijven tegenaan die geraakt worden door de situatie in het Midden-Oosten?

“Voor alle aanwezigen is maar één ding van belang: de veiligheid van je medewerkers die in het Midden-Oosten werken, of zij nu vastzitten op schepen of bijvoorbeeld in havens waar zij baggerwerkzaamheden uitvoeren. Dan kan president Trump landen oproepen mee te helpen aan een veilige doorgang door de Straat van Hormuz. Maar als je dan weet dat Iran al deze schepen als legitiem doelwit aanwijst, dan ga je dat niet riskeren. Voor reders staat de veiligheid van bemanning voorop: als zij naar huis willen, dan wordt daarvoor gezorgd. Er zijn door de reisbranche en Defensie inmiddels veel medewerkers gerepatrieerd, voor zover mogelijk. De ervaring met repatriëren tijdens de coronapandemie hielp enorm.”

2. Onlangs in de pers kwam het bericht naar voren dat Trump een verzekeringsdekking heeft toegezegd tot 20 miljard voor het varen door de Straat van Hormuz. Wat vinden jullie daarvan? Zijn jullie dit ook van plan?

“Ik blijf benadrukken dat voor Nederlandse verzekeraars de veiligheid van de bemanning het allerbelangrijkste is. Het aanbieden van verzekeringen is hiervoor niet het middel omdat je veiligheid niet gegarandeerd is. Gelukkig is het laatste woord hierover en de keuze wat te doen aan de kapitein en de bemanning. Tegelijkertijd vrezen wij de gevolgen. Als dit nog langer gaat duren, dan loopt de hele export vast: niet alleen over zee, maar ook door de lucht. Naast het feit dat de energieprijzen enorm stijgen en alles onbetaalbaar dreigt te worden, zijn de verzekeringspremies voor zeeschepen in het Midden-Oosten door het oorlogsrisico enorm gestegen. Vaargebieden voor zeeschepen die zich niet in die regio bevinden en daar vast liggen zijn aangepast. De dekking voor zee- en luchttransporten is door verzekeraars op basis van hun eigen beleid aangepast. Bedrijven die actief zijn in het Midden-Oosten zitten met een nijpend probleem, zij kunnen letterlijk en figuurlijk op dit moment vaak geen kant meer op.”

3. Waarom wordt er door verzekeraars zo verschillend gereageerd op het wel of niet verlenen van dekking, verhoogde premies, etc.?

“Verzekeraars mogen niet met elkaar overleggen omdat wij met elkaar concurreren. Daardoor bestaan er verschillende verzekeringen met verschillende voorwaarden waar klanten uit kunnen kiezen, onder begeleiding van een verzekeringsmakelaar. Op die manier profiteren klanten van betere prijzen en meer keuzevrijheid. Met als gevolg dat verzekeraars, die samen hetzelfde risico afdekken op één polis, met verschillende voorstellen komen. Dit gebeurt vooral bij grote en complexe risico’s. Door het risico onderling te verdelen, wordt het gespreid en kan de klant toch goed verzekerd worden. Het is vervolgens aan de verzekeringsmakelaar om dit proces zo goed mogelijk te begeleiden. Die onderhandelt namens de verzekerde met verzekeraars over voorwaarden en premies en kijkt wat er mogelijk is om tot een uniforme oplossing en/of aanpassing te komen.”

4. Waarom betalen bedrijven nu extra voor oorlogsdekking? Kunnen zij lopende zee cascoverzekeringen of ladingverzekeringen nog verzekeren en waarom maken verzekeraars nu verschil tussen de dekking voor zendingen naar het Midden-Oosten als het gaat om container- en bulkvervoer?

“In het algemeen geldt dat de premie of dekking kan veranderen als het oorlogsrisico in een gebied toeneemt. De basisverzekering dekt al veel, maar bij extra gevaar vragen verzekeraars soms een extra premietoeslag of aanpassing dekkingsgebied dan wel polisvoorwaarden. De verzekeraar zegt de dekking voor oorlogsrisico op met een termijn van zeven dagen; dit is zogenaamde ‘Notice of Cancellation’. Het verlengen van een verzekering is in zulke situaties niet vanzelfsprekend en gaat via de makelaar. De makelaar speelt een belangrijke rol als schakel tussen de klant en de verzekeraar(s). Zeker bij verhoogde risico’s helpt de makelaar om samen met verzekeraars tot een oplossing te komen, bijvoorbeeld door een tijdelijke verlenging of aangepaste dekking te regelen.
Bij goederen zien we dat containervervoer vaker verzekerd blijft. Verzekerde bedragen liggen per container lager, het verzekerd belang ligt vaak maar bij een deel van de lading, het kan gaan om hulpgoederen die toch nog naar die regio moet worden vervoerd. Het vervoer van zo’n lading zal dan, beperkt, toch nog doorgaan. Terwijl bulkvervoer hogere waarden en extra risico’s kent (bijvoorbeeld hoe om te gaan met ladingen zoals olie of LNG, vertragingen en logistieke problemen). Daarom zijn verzekeraars daar terughoudend”

5. Wat moet er volgens jullie gebeuren?

“Het zou al enorm helpen als wij als transportverzekeraars met elkaar mogen overleggen. Niet om premies of polisvoorwaarden te bespreken, maar vooral om informatie te kunnen delen over de situatie ter plekke en samen te bepalen wat voor de klant de best haalbare aanpak is. Bijvoorbeeld ook over de vraag hoe om te gaan met ladingen, die nu in toenemende mate in ‘veilige‘ landen als India worden gelost door schepen die weg willen uit het gevaarlijke gebied. We moeten samen met de betrokken verzekeraars, makelaars, onze klanten, en verzekeringsexperts een goed beeld gaan vormen van wat er op ons afkomt en hoe we elkaar kunnen versterken in deze onzekere tijden. Ik hoop dat de Taskforce Midden-Oosten die VNO-NCW en MKB-Nederland met de ministeries is gestart, en waar het Verbond van Verzekeraars ook deel van uitmaakt, daar ook bij kan helpen.”