Ana Isabel Barros is wetenschapper en expert op het gebied van inlichtingen, data science en AI. Ze is bijzonder hoogleraar aan de Jheronimus Academy of Data Science (JADS), lector bij de Politieacademie, en is sinds 1997 als principal scientist aangesloten bij TNO. Ze werkt aan intelligence, complexe systeemmodellen en operationele analyses voor defensie en veiligheid.
Ze start haar sessie in het auditorium van het Verbond met de groene en rode kaartjes-oefening. Wie gebruikt AI dagelijks? Het is één van de vragen die Barros de bezoekers van het uitverkochte event stelt. De zaal kleurt groen. Of toch niet helemaal. Er duikt één rode kaart op. “Op dagen met veel vergaderingen gebruik ik het niet”, antwoordt degene met de rode kaart in handen. Maar, is dat echt zo? Want volgens Barros is AI meer dan ChatGPT en Copilot. “Het is de scan die je gebruikt om je telefoon te openen. Het algoritme dat bepaalt wat je ziet op sociale media. De suggesties van vergelijkbare series op streamingsdiensten. Het is de stofzuigrobot die de vloer in huis schoonhoudt. En… AI is óók de parkeerhulp in je auto.”
“Daarmee is AI overal in ons dagelijks leven aanwezig,” benadrukt Barros. Vaak onbewust door de technische snufjes in telefoons, huishoudelijke apparaten en auto’s. En ook bewust, in de vorm van de AI-tools die mensen steeds vaker gebruiken, zowel privé als op het werk. “AI wordt daarmee steeds meer gedemocratiseerd, wat betekent dat het niet meer alleen iets is van AI-specialisten, maar van iedereen.”
Die democratisering blijkt ook uit het feit dat steeds meer bedrijven AI inzetten. “De toepassing ervan stijgt hard”, vertelt Barros. Ze verwijst in haar presentatie naar een CBS-onderzoek waarin onder andere is onderzocht hoeveel bedrijven minstens één van zeven geselecteerde AI-technologieën gebruikt. In 2021 was dat 13,1%. In 2024 steeg dat percentage naar 22,7%. Datzelfde onderzoek laat zien welke sectoren vooroplopen, namelijk de sectoren Informatie en Communicatie (58%), Specialistische zakelijke dienstverlening (39,8%) en de Financiële dienstverlening (37,4%).
Ook stipt ze cijfers aan van de Europese toezichthouder EIOPA. Uit het Report on the digitalisation of the European insurance sector blijkt dat 50% van de schadeverzekeraars AI gebruikt. Bij levensverzekeraars is het percentage iets lager; 24%. Verder verwacht nog eens 30% tot 39% van de verzekeraars AI binnen 3 jaar te gaan gebruiken.
Bedrijven experimenteren en werken in toenemende mate met Generatieve AI, een vorm van AI die reageert op een vraag of een opdracht, oftewel een prompt. En met de opkomst van Agentic AI, een systeem dat niet alleen antwoord geeft, maar ook zelf dingen doet, komen er op allerlei terreinen mogelijkheden bij. Barros: “AI kan helpen bij de triage in straight through processing, waarbij inkomende documenten en transacties automatisch worden verwerkt. Maar het biedt ook kansen voor het efficiënt inwerken en opleiden van medewerkers. Bij JADS lopen nu onderzoeken samen met banken en de technologische industrie om de potentie van Agentic AI te verkennen ten behoeve van kennisborging.”
Waar het tijdens het event De Boef de Baas vooral om draait, zijn de mogelijkheden van AI om verzekeringscriminaliteit tegen te gaan. Barros: “AI kan de onderzoeken naar frauduleuze schadeclaims ondersteunen door patronen en inconsistenties sneller te herkennen dan schadebehandelaren en fraudespecialisten. Niet alleen als het om één claim gaat, maar juist ook claim-overstijgend of zelfs organisatie-overstijgend. Zeker als binnen de verzekeringssector nog meer met elkaar wordt samengewerkt.”
“Criminelen weten dat bedrijven nog niet zoveel data delen en in silo’s werken.”
Op die samenwerking tussen ketenpartners komt Barros meerdere keren terug. “Het is goed dat het Verbond hier in de nieuwe visie Weerbaar en Waakzaam voor pleit, want één ding,” waarschuwt ze, “criminelen zijn heel slim, heel adaptief én hebben dezelfde toegang tot AI als professionals. Ook voor hen is het een enorme inspiratiebron, wat ertoe leidt dat ze hun kennis en werkwijze snel kunnen opschalen en aanpassen. Bovendien zitten zij niet vast aan de AI Act en het Ethisch kader voor datagedreven toepassingen. Ze willen gewoon veel geld verdienen.”
Ze vervolgt: “Criminelen weten overigens ook dat bedrijven nog niet zoveel data delen en in silo’s werken. Daar maken ze gebruik van door een bepaalde claim niet bij één, maar bij een heleboel bedrijven tegelijk in te dienen waardoor het toch veel schade aanricht. Door informatie-uitwisseling tussen ketenpartners in de sector, worden fraudepatronen veel sneller zichtbaar. En dáár kan AI bij helpen.”
“Heel kort door de bocht; AI maakt mensen lui.”
Waar verzekeraars bij het toepassen van AI-systemen zoals Agentic AI wel alert op moeten zijn, is 1) de input, 2) het vertrouwen in de output, en 3) het verlies van vaardigheden.
“De op machine learning-gebaseerde systemen worden getraind met data. Die data zijn mogelijk onvolledig en bevatten vooroordelen,” benadrukt Barros. “Daarnaast worden AI-systemen gemaakt door mensen, die menselijke basisaannames en vooroordelen hebben. Het systeem neemt die informatie gemakkelijk over.”
Wat ze haar toehoorders ook wil meegeven, is het feit dat mensen een voorkeur hebben voor suggesties van geautomatiseerde besluitvormingssystemen. “We denken ongemerkt al snel; het is door knappe koppen gemaakt, dus het zal wel goed zijn. Dat is gevaarlijk, want AI kan hallucineren en ter plekke iets verzinnen. In de rechtspraak heeft dat al tot de nodige problemen geleid. Wees dus kritisch op de output en controleer de uitkomsten goed”, is haar advies.
Het derde risico dat Barros benoemt, is de invloed van AI op de vaardigheden van mensen. Ze haalt daarbij de quote aan van Confusius: ik hoor het, ik vergeet het. Ik zie het, ik herinner het. Ik doe het, ik begrijp het. “Dus als AI iets voor je doet, leer jij het niet. Neem de rekenmachine als voorbeeld. Hoe goed kan jij nog hoofdrekenen? Er is wetenschappelijk onderzoek dat laat zien dat bepaalde onderdelen van je hersenen niet meer worden geactiveerd bij het gebruik van AI. Heel kort door de bocht betekent het eigenlijk dat het mensen lui maakt.”
“Experts hebben écht een antenne voor het niet pluis-gevoel. Daar zit altijd een kern van waarheid in.”
Ter afsluiting van de keynote behandelt Barros de vraag hoe AI, ondanks de risico’s toch effectief kan worden ingezet in de strijd tegen verzekeringscriminaliteit. “Door al mijn jaren bij de politie en defensie weet ik dat experts écht een antenne hebben voor het niet pluis-gevoel. Daar zit altijd een kern van waarheid in, dus dat moeten we blijven benutten. Ook als het gaat om menselijke kennis en ervaring over verzekeringscriminaliteit.”
Door de risico’s die AI-systemen met zich meebrengen, is AI volgens Barros vooral waardevol in handen van experts. Zij hebben de kennis, de context én het kritisch oordeelsvermogen om de uitkomsten van AI goed te beoordelen en waar nodig te verfijnen. Wie die expertise mist, loopt het risico dat onwetendheid en vooroordelen juist worden versterkt. “AI kan het menselijke oordeelsvermogen versterken, maar niet vervangen”, is dan ook haar standpunt.
Toch ziet ze in de praktijk dat sommige bedrijven zoveel mogelijk AI-specialisten binnen proberen te halen. En dat ze alle medewerkers zo snel mogelijk een cursus prompt engineering willen laten doen. Barros tot slot: “Daarmee ga je niet winnen. Juist de combinatie van verschillende disciplines maakt het verschil. Professionals met vakkennis, oog voor wetgeving en ethiek, én dat scherpe niet pluis-gevoel kan je niet zomaar automatiseren.”
(Tekst: Ellen Jonges / Beeld: Ivar Pel)