Vijf vragen over de (krappe) arbeidsmarkt

Op deze pagina is ook content beschikbaar exclusief voor leden Log in voor toegang of vraag account aan.

Na de huizenmarkt heeft ook de arbeidsmarkt te maken met krapte. Er zijn meer vacatures dan werklozen. Beleidsadviseur Ronnie Blanket houdt zich bezig met de vraag hoe verzekeraars jong talent kunnen aantrekken én behouden. Hij geeft antwoord op vijf vragen.

1.Aan welk talent hebben verzekeraars de meeste behoefte?

“Onze sector digitaliseert en automatiseert zo snel dat we vooral behoefte hebben aan data- en IT-talent. Maar dat geldt zo ongeveer voor heel Nederland. Verzekeren is ook mensenwerk, dus het liefst zoeken we naar data- en IT-talent met sociale skills. Het bekende schaap met de vijf poten dus. Daarom moeten verzekeraars anders leren kijken naar talent. Met meer focus op competenties en leervermogen in plaats van op opleiding en werkervaring.”

2. Je zegt het zelf al, heel Nederland vist in dezelfde vijver. Hoe maken verzekeraars het verschil?

“Goede vraag. Wij hebben onderzoek gedaan onder studenten en hoewel we het al wisten, blijkt daaruit dat jong talent ons vaak ziet als grijs en hiërarchisch. Een derde van de studenten denkt niet aan ons als toekomstige werkgever. We moeten dus eerder en beter op het netvlies van jong talent komen. Bijvoorbeeld door te laten zien dat verzekeraars met maatschappelijke thema’s, het klimaat en innovatie bezig zijn. Daarnaast is de balans tussen werk en privé bij ons belangrijk, zijn de arbeidsomstandigheden goed en kun je veel tijd besteden aan je persoonlijke ontwikkeling. Dat soort positieve punten moeten we meer benadrukken.”

Beleidsadviseur Ronnie Blanket (foto: Ellen Jonges)

3.De hamvraag is: hoe?

“Door persoonlijk contact te maken en te laten zien dat werken bij een verzekeraar gaaf is. Dat kan door het geven van gastlessen, het bieden van challenges of door co-creatie. We moeten meer samenwerking met het onderwijs zoeken. Zo hebben wij laatst een opdracht neergelegd bij de minor Legal Design van de Hogeschool Amsterdam over contra-expertise. Consumenten vinden dat een lastig onderwerp. Daarom hebben we de studenten gevraagd of zij dat kunnen visualiseren. Als ik dan zie met welke mooie producten ze komen, dan is er echt sprake van win-win-win. Wij worden geïnspireerd door (jong) talent. De studenten kunnen hun vaardigheden verder ontwikkelen. En de Hogeschool kan praktijkgericht onderwijs aanbieden. Als we dat soort samenwerkingen kunnen intensiveren, zie ik daar wel een meerwaarde in. Helemaal als we ook kunnen inzetten op een sector-breed digitaal platform, waarop we kunnen laten zien hoe leuk onze sector is en waarmee we studenten in contact kunnen brengen met verzekeraars. Want als er één ding is dat ik heb geleerd, dan is het dat je jong talent wel kunt vertellen wie je bent en wat je doet, met een persoonlijke kennismaking breek je het imago pas echt.”

"We moeten meer samenwerking met het onderwijs zoeken"

4.Je hebt het over stage en meeloopdagen. Ziet de sector geen heil in traineeships?

“Zeker wel. Een traineeship spreekt veel studenten aan, omdat zij vaak nog niet goed weten wat ze willen. Met een traineeship kun je jong talent laten zien waar je voor staat en wat je allemaal te bieden hebt, maar je zult wel eerst (flink) moeten investeren. Dat is voor kleine(re) verzekeraars lastiger dan voor grotere. In de praktijk investeren we daarom ook in stages, meeloopdagen en de zogenoemde hackathons. Dat laatste is een (gratis) evenement waar deelnemers in korte tijd oplossingen voor casussen bedenken. Zowel een student als een verzekeraar kan in zo’n hackathon laten zien wat hij in huis heeft. Ook dat is dus een win-win.”

5.Verzekeraars hebben naast het aantrekken van nieuw talent ook te maken met functies die intern vervallen. Wat gebeurt er met die boventallige medewerkers?

“Als het enigszins kan, willen verzekeraars die krachten graag binnenshuis houden. Die medewerkers beschikken immers over veel kennis en ervaring. Steeds meer verzekeraars werken dan ook samen met omscholingsprogramma’s, zoals Make IT work. Maar je kunt niet van iedereen een IT-specialist maken en daarom hebben we als Verbond onder meer het convenant Aan de slag voor de klas gesloten, zodat werknemers ook de stap naar een andere sector kunnen maken. Overigens zie ik met name op het imagovlak wel een grotere rol voor het Verbond weggelegd. Een krappe arbeidsmarkt raakt immers de hele sector en datzelfde geldt voor het imago van verzekeraars. Als individuele maatschappij krijg je dat beeld niet om. Dat zullen we echt samen moeten doen.”


Was dit nuttig?