Verzekeraars moeten meer politiek leiderschap tonen. Volgens Hans Stegeman, hoofdeconoom van Triodos Bank, heeft de sector er ook een direct financieel belang bij dat klimaat- en duurzaamheidsbeleid sneller van de grond komt.
“Het hele verhaal draait om duurzaamheid. Onlangs verscheen een nieuw rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau waaruit blijkt dat veel mensen de duurzaamheidsproblematiek snappen, maar er ook weerstand bij een deel van hen is om er iets aan te doen, zeker als het geld kost. Mijn advies aan beleidsmakers is daarom: communiceer helder en hoopvol. Mensen moeten het klimaatbeleid rechtvaardig vinden. Voor verzekeraars betekent dit dat zij veel sterker naar de lange termijn moeten kijken en politiek leiderschap moeten nemen. Immers, het is juist voor verzekeraars van (financieel) belang om de duurzaamheidtransitie goed te managen. Dat betekent niet alleen dat je in producten en in je premiedifferentiatie keuzes maakt, maar ook juist invloed moet uitoefenen op politieke keuzes. Laat je horen. Veel gevolgen van klimaatverandering, zoals vervuiling, komen uiteindelijk op het bordje van verzekeraars terecht. Zij moeten dus veel meer doen om beleidsmakers en politici te informeren en te ondersteunen in duurzamere politieke keuzes.”
Stegeman is duidelijk: op dit moment ziet de grote meerderheid van Nederland de duurzaamheidsproblematiek en wil zij ook dat er meer beleid op wordt gevoerd. Aan de andere kant luisteren politici veel meer naar mensen die juist in de weerstand zitten waardoor ze geen beleid durven te voeren. “Met dat in je achterhoofd betekent dit dat verzekeraars en de financiële sector zich veel meer moeten uitspreken om beleidsmakers te ondersteunen. Ook is het verstandig om samen met andere partijen op te trekken, zodat politici die wél verandering willen een steuntje in de rug krijgen. Het feit dat huizen met overstromingsrisico nog verzekerbaar zijn, is tenslotte ook een beleidsvraagstuk.”
"Het is juist voor verzekeraars van (financieel) belang om de duurzaamheidtransitie goed te managen."
Stegeman schrijft columns voor Vrij Nederland en bijdragen voor NRC en het Financieele Dagblad en vindt dat meer hoofdeconomen en c-level directeuren zich breder moeten uiten. “Wat soms mist in de financiële sector, is dat we publiekelijk nadenken over wat we van bepaalde ontwikkelingen vinden. Het is belangrijk om het publiek breder te informeren over wat er leeft. Ik maak bijvoorbeeld duidelijk wat de financiële sector wel en niet kan doen. Beleidsmakers vinden dat namelijk vaak moeilijk te begrijpen. Als meer mensen zich uitspreken over het publieke belang en er een openbare dialoog plaatsvindt, leidt dit tot betere en vooral ook beter geïnformeerde besluitvorming. Juist mensen die in een bedrijf werken moeten van zich laten horen, niet alleen hoogleraren die het vooral abstract houden.”
"Wat soms mist in de financiële sector, is dat we publiekelijk nadenken over wat we van bepaalde ontwikkelingen vinden."
“Er is sprake van een dieper probleem, en dan met name van een systeemprobleem. We hebben een systeem gebouwd dat niet meer werkt. Het piept en kraakt. Voor de gemiddelde Nederlander, Amerikaan of Afrikaan levert het steeds minder welvaart op. Soms werkt een systeem simpelweg niet meer, omdat de wereld, technologie en de behoeften van mensen veranderen. Het is maar zelden in de geschiedenis voortgekomen dat je uit zo’n metacrisis komt zonder dat het heel vervelend wordt. Ik probeer, onder andere in mijn boeken en andere publicaties, te betogen dat er uitwegen zijn in de vorm van radicale veranderingen.”
Op dit moment ziet hij twee tendensen. Er zijn mensen die vol voor radicale verandering zijn. Tegelijkertijd zijn er veel mensen die bang zijn en kiezen voor behoud van de huidige situatie. De oorsprong van beide richtingen is echter hetzelfde gevoel: het huidige systeem werkt niet meer voor de gemiddelde Nederlander.
De enige manier om de weerstand goed te doorbreken is volgens Stegeman als de voordelen van de duurzame transitie logisch zijn en geld opleveren. Verzekeraars kunnen daarin een rol spelen, bijvoorbeeld door nieuwe duurzame technologieën sneller verzekerbaar te maken.
“Verzekeraars pakken zeker hun rol op, maar moeten zich duidelijker uitspreken over wat de consequenties zijn van het (gebrek aan) beleid. Formuleer schades bijvoorbeeld niet te neutraal. Schrijf in de laatste alinea van een schadeverslag ook welke beleidsmaatregelen kunnen helpen om zulke schades in de toekomst te verminderen.”
Een ander terrein waarop verzekeraars en beleidsmakers elkaar nodig hebben, zijn volgens Stegeman nieuwe technologieën en nieuwe eigendomsvormen. Op dit moment zijn beide moeilijk verzekerbaar omdat onduidelijk is waar de risico’s liggen en wie er eindverantwoordelijk is. Denk bijvoorbeeld aan de zelfrijdende auto: wie is aansprakelijk als er iets misgaat: de eigenaar, de gebruiker, de fabrikant, de softwareleverancier of de aanbieder van data?
“Technologie en eigendomsvormen zijn de twee belangrijkste ontwikkelingen waar je juist innovatie kan toepassen. Kijk hoe je dit, samen met beleidsmakers, mogelijk kan maken.”
"Verzekeraars pakken zeker hun rol op, maar moeten zich duidelijker uitspreken over wat de consequenties zijn van het (gebrek aan) beleid."
“Internationaal kun je zeggen dat de Nederlandse financiële sector wel redelijk vooraan loopt qua duurzaamheid. Tegelijkertijd worden deels nog de makkelijke keuzes gemaakt, zoals een vegetarische lunch of een beperkte vergoeding wanneer de auto wordt gebruikt voor woon-werkverkeer. Op beleggingsgebied zie ik bijvoorbeeld nog veel traditionele keuzes.”
Stegeman benadrukt dat de verduurzaming bij verzekeraars wel moet matchen met de strategie. “Als je als ceo altijd met de auto naar je werkt gaat, kun je niet van je werknemers verlangen dat ze altijd met de fiets of het openbaar vervoer komen. Ik zie dat een aantal verzekeraars al bewust bezig is met hoe ze duurzaamheid binnen hun strategie toe wil passen, een deel is echter nog wel conservatief. De meeste impact hebben overigens de verzekeringskeuzes. Wat verzeker je wel en wat verzeker je niet? Dat bepaalt uiteindelijk de cultuur en de missie van de organisatie.”
“De ontwikkeling van de elektrische auto en de energietransitie gaat eigenlijk bijzonder snel, zeker nu de nadelen van fossiele energie duidelijker worden. Op andere terreinen is het veel moeilijker om wat voor elkaar te krijgen, zoals bij de stikstofdiscussie. Het ontwikkelen van een circulaire economie gaat ook veel langzamer.”
De hoofdeconoom benadrukt dat in historisch perspectief de verandering juist bijzonder snel gaat. “Dit soort systeemveranderingen vergen vaak tientallen jaren. Ik verplicht mezelf soms om te beseffen dat er de afgelopen tien jaar gigantisch veel is gebeurd qua duurzaamheid. Alles wat je maar kunt verzinnen is in beweging. De weerstand hiertegen zie ik dan ook als het succes van de transitie. Bijna iedereen voelt dat er echt iets moet gebeuren. Dus ik ben positief over de toekomst.”
Hans Stegeman is sinds 2022 hoofdeconoom bij Triodos Bank. Voor zijn benoeming tot hoofdeconoom werkte hij als Chief Investment Strategist bij Triodos Investment Management. Hij heeft een lange staat van dienst in onderzoek en in de financiële sector.
Voordat hij in 2017 bij Triodos Investment Management in dienst trad, werkte hij bij de Rabobank in verschillende functies, onder andere als Chief Economist Nederland. Stegeman begon zijn loopbaan bij de FNV.
(Tekst: Christel Dieleman, foto's: Ivar Pel)
Bedankt voor uw feedback
Hoe kunnen we dit verbeteren?